2020

Het jaar 2020 zal de boeken in gaan als een jaar dat nooit vergeten wordt. Naar verwachting zal het nog wel tot in de lente van 2021 duren voordat we maatschappelijk en economisch weer langzaam ‘open’ kunnen.

Vooruitzicht

De Nederlandse overnamemarkt heeft de afgelopen maanden desondanks goede ontwikkelingen laten zien en heeft zeker niet stilgestaan. Voor 2021 staan de lichten nog steeds op groen: er is volop geld beschikbaar voor investeringen, de rente is extreem laag en de economie zal dit jaar naar verwachting met 2,5% groeien.

Veel bedrijven kijken vooruit, over de (corona)horizon. Zij bereiden zich voor op de post-corona kansen. Zij zijn hun strategische plannen aan het uitwerken en willen klaar zijn voor groeikansen die komen gaan. Strategische overnames maken daar onderdeel van uit. Ook investeerders en private equity partijen zijn dringend op zoek naar goede investeringen.

Verwachting

Hoe de overnamemarkt er precies gaat uitzien is moeilijk te voorspellen. We verwachten dat de goede resultaten in de laatste maanden en de dito start van 2021 de rest van het jaar onverminderd zullen aanhouden. Voor ondernemers met een coronaproof bedrijf is 2021 in ieder geval een prima moment om hun bedrijf te verkopen; kopers staan in de rij!

U mag erop rekenen dat we met Conatum ook in 2021 weer ons allerbeste beentje voortzetten om u maximaal van dienst te zijn. Persoonlijk en professioneel, want dat is waar wij voor staan!

Twee op vijf Nederlandse ondernemers wil bedrijf snel verkopen vanwege coronacrisis
• 7 op de 10 mkb’ers denkt momenteel aan opvolging of verkoop van hun bedrijf;
• Verkoopbereidheid in Nederland door corona met 79 procent hoogst in vijf jaar tijd;
• Helft Nederlandse mkb’ers zou het bedrijf bij een goede prijs morgen verkopen;
• 2 op 3 Nederlandse ondernemers vinden het nu juist hét moment voor een overname.

Corona jaagt verkoopbereidheid in Nederland aan
Gemiddeld 70 procent van de mkb’ers in Nederland, België, Duitsland, Engeland, Zweden en Denemarken overweegt momenteel de opvolging of verkoop van hun bedrijf. Voor Nederland geldt dat maar liefst 8 op de 10 de opvolging of verkoop van hun bedrijf overwegen. Met een stijging van maar liefst 15 procent ten opzichte van één jaar geleden was de bereidheid om het bedrijf te verkopen in de afgelopen vijf jaar niet zo hoog. Ook lijken zij meer haast te hebben om hun bedrijf te verkopen. Het aantal ondernemers dat van plan is om het bedrijf binnen nu en 2 jaar van de hand te doen, is het afgelopen jaar bijna verdrievoudigd naar 40 procent. De helft van de mkb’ers geeft zelfs aan dat zij het bedrijf bij een goede prijs morgen zouden verkopen. In vergelijking met België, Duitsland, Zweden en Denemarken blijkt dat opvolging of verkoop vooral Nederlandse en Britse ondernemers bezighoudt.

Bedrijf kopen zit in de lift
De coronacrisis zet Nederlandse ondernemers niet alleen aan om de verkoop van hun bedrijf te overwegen. Voor het eerst in drie jaar tijd denkt meer dan de helft van de Nederlandse mkb’ers na over de aankoop van een bedrijf en is daarmee terug op het niveau van 2017. Voor maar liefst twee derde van het midden- en kleinbedrijf geldt dat zij het juist nu een goed moment vinden om een bedrijf over te nemen. Dat is een stijging van 10 procent in vergelijking met 2019. Familie wordt als voornaamste overnamekandidaat gezien, al worden investeerders, zoals private equity partijen, steeds meer gezien als goed alternatief. Terwijl Nederlanders juist nu de tijd rijp vinden voor een overname, is voor maar liefst driekwart van hun Duitse collega’s juist het tegendeel het geval. Het is echter de vraag of deze bereidheid in Nederland zal uitmonden in een overnamegolf. Het aantal ondernemers dat denkt dat dit het juiste moment is om te verkopen, is namelijk sterk afgenomen.

2020
Hoewel bereidheid om hun bedrijf te verkopen sterk is toegenomen, denken 4 op de 10 Nederlandse mkb’ers dat de waarde van hun bedrijf is verminderd door corona. De verkoopbereidheid van ondernemers is doorgaans anticyclisch, maar zo’n sterke stijging als nu is in de afgelopen jaren niet eerder voorgekomen. Er zijn veel serieuze kopers in de markt, waarbij de waarderingen ook goed zijn. Kopers zijn bereid om door de corona-effecten heen te kijken waarbij de bedrijfswaarde kan worden genormaliseerd. Goed nieuws dus voor de ondernemers die willen verkopen, kijk echter kritisch naar het bedrijfsresultaat. Mocht een bedrijf te maken hebben met een daling van 50 procent of meer, is het verstandig om de verkoopplannen uit te stellen. In zo’n geval kan het echter voor ondernemers lonen om bijvoorbeeld met een investeerder te kijken naar een strategische overname van concurrenten die nog harder getroffen zijn dan henzelf.

Dit en meer blijkt uit de Marktlink Monitor waarin 968 ondernemers in het midden- en kleinbedrijf zijn bevraagd.

Mac-clausule in overname overeenkomst

Wanneer partijen een overname om wat voor reden dan ook niet willen doorzetten (denk actueel aan de onzekerheden rondom de coronamaatregelen), maar later wellicht alsnog met elkaar tot een transactie wensen te komen, kan een MAC-clausule oplossing bieden.

Wat is een MAC-clausule?
MAC staat voor Material Adverse Change. Koper en verkoper kunnen een dergelijke clausule in de koopovereenkomst opnemen. Een MAC-clausule regelt de gevolgen in de situatie dat zich een materieel nadelige wijziging voordoet voordat de aandelen worden overgedragen. Een MAC-clausule komt regelmatig voor als opschortende voorwaarde wanneer al een bindende overeenkomst is getekend, maar de overdracht nog niet heeft plaatsgevonden. Ook kan de clausule worden opgenomen als garantiebepaling in de overeenkomst. Als opschortende voorwaarde kan de MAC-clausule een koper beschermen als de waarde van de over te nemen onderneming plotseling verslechtert.

Wanneer een beroep doen op een MAC-clausule?
De vraag of je een beroep kan doen op een MAC-clausule hangt in de eerste plaats af van de formulering. De clausule beoogt veelal de koper het recht te geven om van de transactie af te zien bij materiële negatieve ontwikkelingen in de over te nemen onderneming. Maar wanneer is er sprake van een materiële nadelige wijziging?

Opnemen in de koopovereenkomst
Het is aan te bevelen het begrip ‘materieel nadelige wijziging’ in de koopovereenkomst nader te definiëren. Verkoper en koper kunnen immers van mening verschillen over de vraag of bepaalde feiten of omstandigheden wel of geen negatieve ontwikkeling zijn. Een koper zal doorgaans een zo algemeen en ruim mogelijke definitie van de MAC-clausule willen opnemen in de koopovereenkomst. Het is immers niet ondenkbaar dat de coronacrisis de economie in een (tijdelijke) recessie brengt en daarmee de waarde van een onderneming drukt. Een verkoper zal daarentegen veelal een beperkte MAC-clausule willen opnemen en daarmee de deal veilig willen stellen.

Bedrag eraan koppelen
Bij het definiëren van een ‘materiële nadelige wijziging‘ kun je denken aan het koppelen van een bedrag of een percentage aan de nadelige invloed op bijvoorbeeld het eigen vermogen of de EBITDA (Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation and Amortization). Daarnaast is het raadzaam om te bepalen waar de negatieve wijziging betrekking op heeft, zoals de bedrijfsvoering of de overgedragen activa.

Ten slotte kun je in de MAC-clausule ook opnemen dat de koper onder bepaalde omstandigheden niet van de deal kan afzien. Te denken valt aan economische, politieke of marktomstandigheden die wijzigen. Of dergelijke bepalingen in de huidige omstandigheden te rechtvaardigen zijn, is echter twijfelachtig.

De MAC-clausule in tijden van corona
Is het coronavirus nu een materiële nadelige wijziging? Dat zal per onderneming verschillen en hangt bij elke zaak af van de feiten en omstandigheden. Voor al gesloten koopovereenkomsten is het van belang om naar de tekst van de overeenkomst te kijken. Er wordt iet alleen naar de letterlijke tekst van de overeenkomst gekeken, maar ook naar hetgeen partijen over dit onderwerp over en weer hebben besproken.

Is er geen MAC-clausule opgenomen?
Mocht er geen MAC-clausule zijn opgenomen, dan is het de vraag of de koopovereenkomst iets regelt over de ontbinding of wijziging van de overeenkomst op grond van onvoorziene omstandigheden. Je kunt als koper echter alleen een beroep doen op de wettelijke regeling voor onvoorziene omstandigheden als:
– het coronavirus bij het sluiten van de koopovereenkomst niet al voorzienbaar was;
– het zich pas na ondertekening van de koopovereenkomst heeft geopenbaard;
– aan de overige wettelijke voorwaarden voor een geslaagd beroep op onvoorziene omstandigheden is voldaan.

Wat te doen bij nog te sluiten overeenkomsten
Moet het overnamecontract nog worden gesloten? Dan is het als koper raadzaam om een MAC-clausule op te nemen die specifiek (maar wel zo ruim mogelijk) het coronavirus belicht. Een verkoper zal liever geen of slechts een zeer beperkte MAC-clausule willen opnemen. Partijen kunnen hier allerlei afspraken over maken en neerleggen in de koopovereenkomst. Om duidelijkheid te creëren en discussies in de toekomst zoveel mogelijk te vermijden, is dit aan te bevelen.

(bron: Alfa.nl)

Intergarde Beheer neemt Alarmpoint over

Op 12 oktober jl. is de strategische overname van Alarmpoint B.V. uit Weert door Intergarde Beheer B.V. uit Maastricht bezegeld met de ondertekening van het koopcontract door de directies van beide ondernemingen.
Hierdoor voegt Intergarde, die zelf een toonaangevende onderneming is op het gebied van bewakings- en beveiligingswerkzaamheden in (Zuid) Nederland, een nieuwe loot toe aan haar boom van beveiligingsbedrijven.
AlarmPoint beveiligingstechniek is een beveiligingsbedrijf dat gespecialiseerd is in de installatie en het onderhoud van o.a. inbraakbeveiliging, brandbeveiliging en terreinbeveiliging. Haar bedrijfsactiviteiten en bedrijfscultuur passen naadloos bij de activiteiten en cultuur van Intergarde.

Conatum Bedrijfsadvies is er trots te vermelden dat zij dit overnameproces voor Intergarde heeft mogen begeleiden en wenst allen heel veel succes.

Onlangs is Schildersbedrijf Lacroix VOF te Gulpen overgenomen door Mertens Schilderwerken B.V. uit Eijsden.

Schilder- en Spuitwerken Lacroix werd in 1996 opgericht als eenmanszaak door Ruud Lacroix en is later gewijzigd in een Vennootschap onder Firma.

Ondernemer Ruud Lacroix die al vele jaren ‘kleur’ brengt in Zuid-Limburg, had er een tijd geleden al voor gekozen zijn leven een andere invulling te gaan geven en was op zoek naar een geschikte overnamekandidaat. Primaire doel was het vinden van een nieuwe werkgever waaraan Ruud zijn personeel met een gerust hart kon overdragen, omdat zij al jaren loyaal aan hem en aan zijn onderneming waren.

Er was veel interesse in een overname. De meest geschikte overnamekandidaat werd gevonden in Mertens Schilderwerken B.V. uit Eijsden. Van deze strategische overnamekandidaat wordt verwacht dat zij met eenzelfde bedrijfscultuur de bedrijfsactiviteiten op ongewijzigd succesvolle wijze zal voortzetten.

Conatum Bedrijfsadvies is er trots op dat zij deze transactie met succes heeft mogen begeleiden en feliciteert verkoper en koper met dit mooie resultaat.

Familiebedrijven tonen in deze coronacrisis hun weerbaarheid en crisisbestendigheid. Deze crisisbestendigheid wordt echter ondermijnd door de bouwstenennotitie die staatssecretaris Hans Vijlbrief van Financiën in mei van dit jaar aanbood aan de Tweede Kamer. In deze notitie wordt voorgesteld om belasting te gaan heffen op niet uitgekeerde winsten. Uit de resultaten van het RSM-Nyenrode Familiebedrijven-onderzoek blijkt dat 88 procent van de familiebedrijven vreest dat de voorstellen uit de bouwstenennotitie zullen leiden tot minder bedrijfsinvesteringen. Ruim 58 procent van de familiebedrijven verwacht dat het voortbestaan van hun onderneming door de plannen in gevaar komt.

Eigenaren van familiebedrijven kiezen er veelal voor om hun vermogen in het bedrijf te laten; om te investeren in hun bedrijf in plaats van het uitkeren van dividend. Dit zorgt voor ‘vet op de botten’ waardoor momenteel veel arbeidsplaatsen in Nederland behouden blijven en familiebedrijven na de crisis voldoende financiële slagkracht hebben om weer volop te kunnen ondernemen.

Belastingheffing versus investeringen
Het meest in het oog springende voorstel voor familiebedrijven in de bouwstenennotitie is de beleidssuggestie om jaarlijks een belastingheffing in te voeren over niet uitgekeerde winsten. Uit het onderzoek blijkt dat 88 procent van de familiebedrijven het grootste deel van de gerealiseerde winst van de onderneming gebruikt om nieuwe investeringen te doen in hun bedrijf. De voorgestelde belastingheffing over niet uitgekeerde winsten zal volgens de onderzoekers zeker ten koste gaan van de investeringen in hun familiebedrijf.

Versoberen bedrijfsopvolgingsregeling
In de bouwstenennotitie worden tevens een aantal voorstellen gedaan tot het versoberen van de bedrijfsopvolgingsregeling. Er wordt voorgesteld om de doorschuifregeling voor de inkomstenbelasting af te schaffen en de vrijstellingen voor de erf- en schenkbelasting eveneens af te schaffen of sterk te verminderen. Bij het volledig afschaffen van beide regelingen is bij het vererven of schenken van de onderneming grofweg 40 procent belasting verschuldigd.

Deze beleidssuggestie zal volgens de onderzoekers voor 44 procent van de familiebedrijven aanleiding zijn om te kiezen voor een versnelde bedrijfsoverdracht naar hun opvolger. Ook verwacht 58 procent van de familiebedrijven dat het voortbestaan van hun onderneming in gevaar komt wanneer de verschuldigde belasting na vererving uit de onderneming moet worden gehaald. 56 Procent van de familiebedrijven geeft aan dat een afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling zal leiden tot uitstel van de bedrijfsoverdracht.

Naast bovenstaande onderwerpen gaat het onderzoek ook in op de gevolgen voor familiebedrijven met betrekking tot de voorgestelde vrijstelling voor de erfbelasting, het excessief lenen bij de eigen vennootschap en de stijging van de overdrachtsbelasting voor bedrijfspanden.

Ondernemers die lenen willen investeren om rendement te maken. Maar onbeperkt lenen is doorgaans geen goed idee.
Het rendement dat een lening kan opleveren, moet afgezet worden tegen de kostprijs van de lening, de verwachte omzet en zaken als de marktontwikkeling en concurrentie.

Geld lenen levert geld op
Voor ondernemers gaat de stelling op: geld lenen levert geld op. Immers, het geleende geld wordt geïnvesteerd en met de investering wordt vervolgens rendement gemaakt.
Als het rendement hoger is dan de kostprijs van de investering en de kosten van de lening, levert geld lenen dus geld op.

Dat rechtvaardigt de vraag: Kun je onbeperkt lenen? Kun je als het ware jezelf “rijk lenen”? Is krediet zonder limiet verantwoord? Nee, jammer, maar dat ligt toch net even anders.

Risico
Er zijn risico’s en grenzen. Enerzijds kun je stellen dat geld lenen, geld oplevert – mits je als ondernemer met het geleende geld meer rendement maakt dan de rentekosten. Maar anderzijds weet je dat ondernemen ook onzeker is.

Je weet nooit zeker of je de omzet realiseert die nodig is om inderdaad voldoende rendement te maken. Tegenover de onzekere uitkomst van een investering die is gefinancierd met een lening staat de zekere, vaste verplichting van rente plus aflossing. Dus: een vaste verplichting versus een onzekere inkomstenstroom. Dat is risico.

Het extra rendement dat een lening voor een onderneming kan opleveren moet niet alleen worden afgezet tegen de kostprijs van de lening, maar ook tegen de risico’s: de marktontwikkeling, de technologische ontwikkeling, de concurrentie.

Kortom, alle ondernemingsrisico’s moeten in de investeringsbeslissing worden gewikt en gewogen. De consequentie van de risico’s is: onbeperkt financieren is onverantwoord.

Overigens doordat verschillende geldverstrekkers de ondernemingsrisico’s op verschillende wijze beoordelen, kan het dus goed zo zijn dat geldverstrekker A een financieringsverzoek afwijst dat door geldverstrekker B wordt toegekend.

Optimale verhouding vermogen
Een optimale verhouding tussen eigen vermogen en vreemd vermogen is ideaal. Het is de uitdaging voor een bedrijf dat optimum te bepalen en te benutten.

Conclusie
Dus: geld lenen levert geld op, maar voorkom krediet zonder limiet.

Gedragscode MKB Financiering
De Stichting MKB Financiering heeft een Gedragscode MKB Financiers opgesteld die houvast kan geven. In deze gedragscode is onder meer de regel opgenomen dat geldverstrekkers bij hun kredietverlening aan klanten uitgaan van een gezonde en passende financieringsstructuur.

Passend en verantwoord financieren is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid voor de ondernemer en diens adviseur. Maar ook van geldverstrekkers mag je op dit terrein verantwoord gedrag verwachten.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op de site van de Stichting MKB Financiering. Stichting MKB Financiering (SMF) is een onafhankelijke organisatie opgericht om een bijdrage te leveren aan de professionalisering van de non-bancaire financieringssector in Nederland. SMF wil zo voor ondernemers de toegang tot klantgerichte en passende financiering verbeteren.

MKB-bedrijven die alternatieve financiering zoeken voor krediet bij de bank stuiten nogal eens op misverstanden.
Zo het is het zeker niet zo dat alternatieve financiering alleen interessant is als je geen krediet kunt krijgen bij de bank.
Ook is non-bancaire financiering niet per sé duurder.

Waar haalt een mkb-ondernemer financiering voor zijn bedrijf vandaan? Bij een bank natuurlijk…, of toch niet? Wanneer gesproken wordt over ondernemingsfinanciering bestaan er enkele hardnekkige misverstanden. Misverstanden die inmiddels ver van de werkelijkheid staan.

Hieronder gaan we op drie veel voorkomende mythes in:

1. Als mkb ondernemer ben je aangewezen op 3 banken
Velen denken dat wanneer een bedrijf in Nederland financiering nodig heeft er slechts keuze is uit drie banken. Men weet wel dat er alternatieven zijn zoals crowdfunding of iets dergelijks. Maar dat is voor bedrijven die geen “gewone” financiering kunnen krijgen, toch? Daar wil je niet mee geassocieerd worden.

De werkelijkheid is anders. Het klopt dat drie banken dominant zijn in de markt voor ondernemingsfinanciering. Nog wel. Maar er zijn inmiddels honderden alternatieven beschikbaar. Zo veel en zo goed dat wij liever niet meer spreken van alternatieve financiering, maar gewoon van ondernemingsfinanciering: financiering door non-bancaire geldverstrekkers.

2. Alternatieve financiering is voor bedrijven die geen bankfinanciering kunnen krijgen
Is non-bancaire financiering voor bedrijven die geen bankkrediet kunnen krijgen? Nee dus!

Non-bancaire geldverstrekkers verstrekken alleen krediet aan financierbare ondernemingen. Daarom is het voor bedrijven tegenwoordig een cadeau dat ze kunnen kiezen uit zo veel aanbieders!

Waarom zou je naar een bank gaan als je ook elders financiering kan ophalen? Wie weet past een andere geldverstrekker veel beter bij jou, bij jouw onderneming, business, branche en imago!

En ja, het klopt dat er ook bedrijven zijn die zich wenden tot andere financiers, nadat hun financieringsverzoek door een bank is afgewezen. Het is een verrijking van de markt, dat die mogelijkheden er tegenwoordig zijn.

Want is een bedrijf zwak als de financiering door een bank is afgewezen? Zeg dat niet tegen de ondernemer: ondernemers zien kansen, waar banken risico’s zien.

De nieuwe financiers wegen kansen en risico’s soms anders. Zij maken een bewuste afweging van kansen en risico’s en nemen vervolgens hun beslissing.

Nieuwe financiers maken daarom soms andere keuzes dan banken. Dat is een verrijking van de financieringsmarkt en een zegen voor het ondernemerschap.

3. Non-bancaire financiering is duur
Ook dit is een hardnekkig misverstand. In feite worden appels en peren met elkaar vergeleken. Bancaire en niet-bancaire financiering zijn verschillende producten. Er gelden andere voorwaarden en vooral ook andere zekerheden.

Als je hiermee rekening houdt, zijn de verschillen een stuk kleiner. Bovendien wordt het tarief van non-bancaire financiering niet verhoogd door aanvullende kosten en provisies. Voor een werkkapitaalkrediet betaalt een mkb-onderneming bij een bank rente. Daar bovenop komen provisies, waardoor het betaalde tarief meer is dan alleen de rentevergoeding.

Non-bancaire aanbieders rekenen alleen de afgesproken debetrente. Zij vragen daarbij vaak minder zekerheden dan banken. Daardoor houdt de onderneming meer toekomstige financieringscapaciteit beschikbaar. Dit biedt meer flexibiliteit en vrijheid.

Dit bericht is oorspronkelijk verschenen op de site van de Stichting MKB Financiering. Stichting MKB Financiering (SMF) is een onafhankelijke organisatie, opgericht om een bijdrage te leveren aan de professionalisering van de non-bancaire financieringssector in Nederland. SMF wil zo voor ondernemers de toegang tot klantgerichte en passende financiering verbeteren.

Betalingsregeling voor aflossen opgebouwde belastingschuld

In de periode waarin u bijzonder uitstel van betaling had vanwege de Corona maatregelen, hebt u een belastingschuld opgebouwd. De Belastingdienst biedt u daarvoor een ruime betalingsregeling aan. U krijgt van 1 januari 2021 tot 1 januari 2023 de tijd om uw belastingschuld af te lossen. U betaalt dan 24 maanden lang elke maand een vast bedrag. Als u eerder wilt afbetalen, kan dat natuurlijk. Ook kunt u tussen 1 januari 2021 en 1 januari 2023 naast het vaste maandelijkse bedrag extra aflossen.

Misschien is het voor u niet mogelijk uw belastingschuld in 24 gelijke maandelijkse termijnen af te lossen. In dat geval zoekt men samen met u naar een passende oplossing.

Als u een aanslag niet op tijd betaalt, moet u normaal gesproken 4% invorderingsrente (de te betalen rente als u een aanslag niet op tijd hebt betaald) betalen vanaf het moment dat de betaaltermijn is verstreken. De Belastingdienst begrijpt dat veel ondernemers het de komende tijd financieel nog steeds moeilijk zullen hebben. Daarom blijft het eerder aangepaste tarief van de invorderingsrente tot en met 1 december 2021 op 0,01%. Dit zorgt ervoor dat u de komende tijd ook vrijwel geen rentekosten heeft op de belastingschuld die u gaat aflossen.